1908 In Portugal

Dat hotel, dat zich er, en terecht, op verheft een zeer schoon monument te zijn van de moderne architectuur en dat gebouwd is in den weelderigen stijl van Dom Manuel, ligt op een terras, dat opstijgt uit de golven van het woud. Door zijn onvergelijkelijke ligging te midden van dien oceaan van groen, door zijn tuinen vol bloemen, door de weelde van zijn inrichting, en, wat volstrekt niet schaadt, door de bescheidenheid van zijn prijzen zou het hotel van Bussaco, dat bij ieder in Portugal bekend is, verdienen ook buiten de grenzen van dat land de aandacht te trekken. Als men bedenkt, dat Bussaco ligt aan de directe spoorlijn van Parijs naar Lissabon, dat men er zich dus van Frankrijk uit heen kon begeven zonder anderen last dan het noodzakelijke overstappen in Irun op de grens, en dat na in het geheel dertig uren sporens, die snel omvliegen, als de trein goed is, men er reeds is aangekomen, dan betreurt men het, dat dit mooie plekje niet door de Franschen zeer druk bezocht wordt en dat wij het in ons land zelfs niet kennen. Men gaat het dan als een werkelijken plicht beschouwen, de pracht ervan uit te bazuinen en het bezoek ernstig aan te bevelen. Jonge paartjes op de huwelijksreis vinden daar juist iets, dat voor hen geschikt is, want Bussaco is bij uitstek een plaats, om met zijn tweeën te wandelen in de bosschen door de kronkelende paden, onder het groen in die zoo poëtische natuur.

Van het oude klooster, dat in de 13de eeuw door de Carmelieter monniken is gesticht, is nog slechts een kerkje over en eenige cellen, die zijn opgenomen in de inrichting van het hotel. De gebouwen namelijk, die het hôtel vormen, zijn zeer talrijk en omvatten dépendances, die meer ruimte schijnen te hebben, dan voorloopig noodig is. De zaak laat zich verklaren, doordat in het oorspronkelijk plan voor het gebouw aan een koninklijk paleis was gedacht; door verschillende omstandigheden kwam er niets van die onderneming, en de terreinen, die aan den staat behooren, zijn daarna voor een hotel geëxploiteerd. De koning en de koningin hebben altijd veel van de plek gehouden; zij kwamen er vaak per automobiel, en daar 250 kilometer Bussaco van Lissabon scheiden, mag men daaruit wel besluiten, dat de streek prachtig moet zijn.

Het hotel ligt niet op den top van den berg. Om dien top te bereiken, die de Punta de Bussaco wordt genoemd, moet men gedurende bijna een half uur een lommerrijken weg volgen; het is een gemakkelijke wandeling; men heeft er telkens mooie uitzichten over het bosch, en op den top ligt het schoonste panorama voor den reiziger. Van Luso in het Noorden, dat in het groen genesteld is in een stil hoekje van het bergland, breidt het uitzicht zich uit over den kam van het golvend bergland van den Serra de Caramullo tot aan de zee, waar 50 kilometer ons van scheiden; verder kan men de lijnen van het strand volgen en met het oog in de bosschen doordringen, die overal den grond bedekken. Ook is Pampilhosa te zien en het groene dal der Mondego, dan Coïmbra, en voorbij Coïmbra tot verre horizons ligt daar de wijde ruimte in de heldere lucht tot de woeste bergen van den Serra de Estrella.

De hoogten van Bussaco vormen een der eerste deelen van de bergachtige streek van Beira. Zonder zoo belangwekkend te zijn als die van Doura, verdient de spoorlijn van Pampilhosa naar Villar Formoso, die geheel Beira doorsnijdt, dat men haar volgt tenminste tot Guarda. Nadat men over de viaduct van Luso is gereden, loopt de trein over een Cornicheweg door een bergstreek van Serra’s, die deels kaal zijn, deels met dennen begroeid. Ter halver hoogte liggen dorpjes boven afgronden, dorpjes met donkere huizen, die sprekend aan de woningen in sommige landschappen van Corsica doen denken. Daarna wordt de horizon wijder en de spoorweg gaat over een vruchtbare vlakte, waar bosschen zijn. Gedurende bijna twee uren volgen de dennebosschen elkaar op, met ter afwisseling bebouwde gronden, en boven de groene naalden verrijst rechts de nog besneeuwde kruin van het Estrellagebergte.

Tusschen Mangualde en Guarda is het land zeer schilderachtig, en de weg, die langzaam is gestegen, biedt zeer schoone uitzichten aan en mooie panorama’s, vooral op het dal der Mondego en de andere dwarsdalen. Te Gouvea is een verrukkelijk panorama te genieten. Eindelijk ziet men Guarda verschijnen, trotsch op een hoogte gelegen, den mantel der oude vesting werken, waar de kathedraal boven uitsteekt, als een vooruitgeschoven schildwacht, wat het vroeger was, op het eind der twaalfde eeuw, in den tijd, toen koning Sanchol oorlog voerde tegen de Mooren en zijn koninkrijk versterkte en afrondde.

Als men verder dan Coïmbra en Bussaco naar het Noorden doordringt, wordt het aanzien van het land niet veranderd, wat den algemeenen indruk betreft; altijd dezelfde golvingen van het terrein, begroeid met dennen, dezelfde rijke en vruchtbare dalen, dezelfde lachende landschappen, dezelfde blauwe horizons.

Slechts nu en dan eenige variatie. De lijn van Oporto komt tot dicht aan zee, maar bereikt toch de kust niet. Bij zeldzame oogenblikken bespeurt men de wijde lagune, die wel wat aan de golf van Arcachon doet denken. Ilhavo, Aveiro en Ovar, drie kleine visschershavens liggen er aan, en daar wordt in massa de onvermijdelijke stokvisch gevangen, waar het schiereiland veel voordeel van trekt.

Aan dezen kant is het land vlak, hier en daar ziet men duinen, en men moet zich naar rechts keeren, om op een verren afstand de zaagtanden te herkennen van den Serra do Caramullo of van Gralheira. Die worden al hooger dan 1000 meter, zonder daarom de hoogste van Portugal te zijn.

De Serra de Estrella wordt tot meer dan 1400 meter hoog, en het is niet zeldzaam of vreemd, in de lente op den weg van Pampilhosa naar Spanje bij de toppen aardige, kleine, met sneeuw gevulde kommen te zien, die u van verre tegenschitteren. [271]

Men is dan in de provincie Beira, bestaande uit groote dalen en zacht golvende ketenen, die de matelooze vlakten van Alemtejo gauw doen vergeten. Toch behoeft het Noorden zich niet te verheffen; de beschaving is dezelfde in Beira als in de omstreken van Beja, en de steden zijn er niet vroolijker, noch somberder. Guarda bij voorbeeld, dat voor hoofdstad doorgaat, is een rustig, middelmatig stadje, op de manier van Rodez of Lons le Saulnier.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *